Reactie BVRR naar aanleiding van het ´Kolder in de Polder´ verkiezingsdebat van 7 maart 2018

Zoals bekend hebben de Buren van Rijnenburg/Reijerscop ruim voor het verkiezingsdebat alle fracties gesproken over het heikele thema “al of niet tijdelijke windmolens plaatsen in de polders Rijnenburg/Reijerscop naast het voorkomen van hinder voor mens en dier”. Het gaat om de periode tot max 2030. De BVRR is blij dat de Wijkraad van Vleuten-De Meern de fracties heeft uitgenodigd, want ook onze stelling werd nog eens op de bühne gebracht, zodat de burger een passende keuze maakt op 21 maart a.s. Rijnenburg – ca. 1000 ha groot – is ook geschikt voor zon.

Met name twee botte meningen, gehoord in het debat over de BVRR en ook vastgelegd in het verslag van Ko van der Duin (HU) (https://www.regioleidscherijn.nl/2018/03/09/politieke-partijen-over-de-windmolens-in-rijnenburg/) nopen tot directe nuancering.

Ten eerste beweerde iemand in het publiek: ´de BVRR is tegen windmolens en een belangengroep!´ Hoewel het tweede klopt, het eerste klopt niet, en daarmee is deze hele opmerking polariserend. De achterban van de BVRR onderschrijft vanaf het begin 2017 deze stelling ´Zonnepanelen – OK. Windmolens – Nee (die horen op zee)´. We verdedigen deze stelling ferm, want we zijn ook voorstander van een voortvarende* duurzame transitie op voorwaarde dat die echt duurzaam is (langdurige CO2 reductie) én dat de minst hinderlijke alternatieven alle voorrang hebben en krijgen. Die nuance mist. Tijdelijk Wind op Land is en blijft om vele redenen een slecht idee voor de polder: het waait er bijvoorbeeld matig t.o.v. Wind op Zee, de milieubelasting ter plekke overschrijdt nu al bepaalde normen (geluid o.a.) enz.

Nu windmolens in Rijnenburg plaatsen is kolder in de polder!

Ten tweede houdt GroenLinks vast aan het idee ´Wind op Land´: “ Wij zijn voor windmolens in Rijnenburg want 1 molen levert meer op dan een zonneveld”. Dit klopt niet, maar wordt nog steeds veel gedacht. De nuance ´meer opleveren´ is hier de bekende appels met peren vergelijken en dat past niet meer in de terechte kritische houding van betrokken burgers bij plannen met windmolens. Zoals Rijne Energie (voorstanders van windmolens) zelf helder aangeven (zie link RE http://rijne-energie.nl/2018/01/22/hoe-bepalen-we-de-hoogte-van-de-windmolens-in-rijnenburg/) moeten de molens inderdaad best wel heel hoog worden, tot 230 meter, om te renderen (de appels). Maar onze overheid, experts en ook gemeentes rekenen ons tegelijk voor dat met zonnevelden (de peren), mits je voldoende ruimte hebt, het op land prima gaat|. Recente voorbeelden van zonneparken in Utrecht:

Een snelle berekening voor de boeren: 1 ha 500MWh geeft stroom voor 150 huishoudens per jaar met zonnepanelen. Op basis van deze vermogens en de werkelijke rendementen van goede zon- en wind-oplossingen met opslag mogelijk voor pieken, zijn grootschalige molens in Rijnenburg onnodig.

De spreker aan het einde vatte dit heel goed samen: nu windmolens in Rijnenburg is kolder in de polder. Gemeente: stimuleer zon en wind op zee! Wij steunen elk initiatief op dat punt.

Namens de Buren, met vriendelijke groet

Henk Diemer, Jos Eras, Pieter van Veenen, Jan van Rossum, Cees Modder e.v.a.